Bush neemt een warm Afrikaans bad

24 Feb
2008

bush.jpgRuim een miljoen mensen hebben het feit dat ze nog echt kunnen leven te danken aan de gedrevenheid van één man: president Bush. Maar zijn stille oorlog tegen de gevolgen van aids en andere ziekten in Afrika haalt maar zelden het nieuws. Toch gaat het om de grootste toename van hulp vanuit de VS sinds het Marshallplan na de Tweede Wereldoorlog.

President Bush was deze week druk bezig met het verdedigen van de nationale veiligheid van de VS en de buitenlandse belangen van het land. Dat deed hij onder andere door ruim vijf miljoen muskietennetten te beloven, een voor ieder kind in Tanzania in de leeftijd van een tot vijf jaar.

Het is dit soort maatregelen dat de VS een ongekende populariteit in Afrika ten zuiden van de Sahara heeft bezorgd. Kort na de aanslagen van september 2001 kondigde Bush al een sterke toename van de ontwikkelingshulp vanuit de VS aan, omdat hij armoede zag als een voedingsbodem voor extremisme. Zes maanden na de aanslagen verwoordde Bush in een redevoering het expliciet: ,,We vechten tegen armoede omdat hoop een antwoord is tegen terrorisme”. Gaf de regering-Clinton in 2000 nog tien miljard dollar uit aan ontwikkelingshulp, onder Bush steeg dat bedrag naar 23 miljard – de grootste toename sinds het Marshallplan voor de opbouw van Europa na de Tweede Wereldoorlog. Voor Afrika verviervoudigde de hulp zelfs. Daarnaast heeft Bush een eigen programma gestart om aids te bestrijden, het President’s Emergency Plan for Aids Relief. Daarvoor heeft hij de afgelopen jaren al ruim vijftien miljard dollar losgepeuterd bij het Congres, terwijl hij voor de komende vijf jaar nog eens dertig miljard dollar heeft gevraagd.

Morele overtuiging
Dit programma heeft vooral te maken met de sterke morele drijfveer dat het ‘het goede is om te doen’, zoals Bush in een interview vlak voor zijn vertrek naar Afrika ook aangaf.

In dit programma spelen ook christelijke morele opvattingen een rol. Een derde van het budget dient te gaan naar projecten om de Afrikaanse bevolking ertoe te bewegen, geen seksuele gemeenschap buiten het huwelijk te hebben. Het leverde Bush veel kritiek op, niet in de laatste plaats in Europa. Het past niet in het liberale beleid van de meeste internationale organisaties, die wijzen op de in de Afrikaanse cultuur wijdverbreide praktijk van het onderhouden van meer seksuele relaties door met name de Afrikaanse mannen. Juist de christelijke motivatie van Bush is hierbij een doorn in het vrijgevochten oog, dat daarbij voorbijziet aan het feit dat tussen de vijftien en de twintig miljoen vrouwen door hun overspelige mannen zijn besmet met het hiv-virus. Dat was tot Bush met zijn hulpprogramma begon meestal een doodvonnis voor wie met dit virus besmet was geraakt en bij wie zich aids ontwikkelde. Door het noodprogramma van Bush krijgen nu ruim een miljoen mensen aidsremmende medicijnen, wat hun resterende levensverwachting en de kwaliteit van hun leven enorm heeft verbeterd.

Voordeel
Alleen daarom kreeg Bush in de vijf landen waar hij deze week een bezoek heeft gebracht een warm onthaal. Zijn politiek van meer ontwikkelingssamenwerking en drastisch toegenomen hulp in de strijd tegen aids werkt inderdaad in het voordeel van de VS. In een vorig jaar gehouden onderzoek van het Pew Institute bleek dat in negen van de tien onderzochte landen ten zuiden van de Sahara de overgrote meerderheid van de bevolking positief staat ten opzichte van de VS.

Bush zelf heeft nu een andere, ook belangrijke stap genomen. De strijd tegen aids heeft de aandacht voor andere maar ook dodelijke tropische ziekten verminderd. In Tanzania beloofde Bush ieder jong kind een muskietennet, wat neerkomt op 5,4 miljoen muskietennetten. Het is een kleine, maar zeer effectieve stap in het voorkomen van de onnodige dood van te veel jonge kinderen – een op de vijf kinderen in Afrika die sterven voor hun zesde levensjaar, sterft aan de gevolgen van malaria. Daarnaast wil Bush enkele honderden miljoenen beschikbaar stellen voor de bestrijding van ziektes als rivierblindheid en bilharzia (een worminfectie) in de komende jaren.

Commandocentrum
Toch betekent dit alles niet dat Bush in Afrika zijn andere programma’s nu met dezelfde enthousiaste steun kan uitvoeren. Het vorig jaar aangekondigde commandocentrum voor operaties tegen terrorisme dat Bush in Afrika wil opzetten, kan hij alleen kwijt in Liberia. De geringe steun voor dit plan heeft er al toe geleid dat de VS het Africa Command, kortweg Africom, voorlopig laten waar het is, in het Duitse Stuttgart. Vooral in het noorden van Afrika wordt dit commandocentrum gezien als een poging van de VS, meer grip te krijgen op de grondstoffen en olie die in Afrika ruim voorradig zijn.

Het is een scherpe tegenstelling tot de bereidwilligheid van veel Afrikaanse landen tijdens eerdere bezoeken van de Chinese president om zaken met China te doen, juist over strategische grondstoffen. Maar in tegenstelling tot Bush zeurt president Hu Jintao dan ook niet zoveel over zaken als democratie, vrijheid van meningsuiting en andere ongemakkelijke zaken waar sommige Afrikaanse leiders niets mee op hebben.

Dat legt ondanks alle waardering voor het initiatief van Bush, zelfs door kritische activisten voor Afrika als de zanger Bono, toch een andere zwakte bloot. In Afrika is er nog steeds geen echt breed gedragen uitgangspunt voor alle regeringsleiders dat zij hun volk dienen in plaats van het volk hen, eerdere uitspraken en akkoorden van de Afrikaanse Unie ten spijt. Het is het eigenbelang van de leiders dat welvarende en stabiele landen als Zimbabwe en Kenia in sociale en economische ellende heeft gestort. En helaas heeft president Bush deze leiders door dat andere politieke initiatief, de inval in Irak, een gemakkelijk handvat gegeven om de morele druk vanuit Washington van zich af houden. Wat niet wegneemt dat Bush deze week in zorgvuldig gekozen landen toch even mocht genieten van een warm bad van populariteit, iets wat hij in Washington zal missen.

Bron: Nederlands Dagblad

Comment Form

top